P. 1
7631568 Dutch TNO Rapport Naar Een User Generated State de Impact Van Nieuwe Media Voor Overheid en Openbaar Bestuur

7631568 Dutch TNO Rapport Naar Een User Generated State de Impact Van Nieuwe Media Voor Overheid en Openbaar Bestuur

|Views: 28|Likes:
Publicado porBernard

More info:

Published by: Bernard on Oct 06, 2009
Direitos Autorais:Attribution Non-commercial

Availability:

Read on Scribd mobile: iPhone, iPad and Android.
download as PDF, TXT or read online from Scribd
See more
See less

12/11/2015

pdf

text

original

Er zijn in de afgelopen jaren verschillende begrippen gelanceerd om de in het vorige
hoofdstuk al kort geschetste nieuwe ontwikkeling van het internet aan te duiden. Om
gericht onderzoek te kunnen doen naar de implicaties van deze nieuwe trend is het van
belang om een heldere definitie en afbakening te hanteren. In deze paragraaf zullen we
daarom verschillende uitwerkingen van de begrippen nader onder de loep nemen. Dit
resulteert in een nadere afbakening die voor dit onderzoek richtinggevend zal zijn.

Termen die het meest frequent gebruikt worden zijn Web 2.0, User Created Content (of
User Generated Content), the Participative web, en het Sociale Web. Voor wat betreft
de doorwerking van deze trend in het publieke domein wordt bijvoorbeeld gesproken
over Public Service 2.0, Democracy 2.0, Government 2.0 en The User Generated State.

De verschillende accenten in de begrippen verwijzen naar een specifieke focus in de
afbakening. User Generated Content focust specifiek op het creëren van content, terwijl
The Participative Web een bredere reikwijdte heeft en in meer algemene zin focust op
de trend naar actieve gebruikersparticipatie. Het sociale web legt het accent op de
onderliggende interactie en communicatie tussen gebruikers en wat daardoor allemaal
mogelijk is. Het meest gebruikte begrip is web 2.0, dat vooral focust op de
transformatieve potentie van deze toepassingen: het impliceert immers een tweede fase
of zelfs nieuwe ‘release’ van het web als geheel. Ook verwijst 2.0 naar de disruptieve
impact van deze ontwikkelingen. Web 2.0 impliceert bijvoorbeeld nieuwe manieren om
zaken te doen en winst te genereren, ketenomkering of institutionele innovatie11

. Web
2.0 is een zeer gehypt begrip, dat om die reden ook veel kritiek krijgt. De
transformatieve en disruptieve potentie van het verschijnsel wordt door critici in twijfel
getrokken. Zij wijzen er bijvoorbeeld op dat hier eerder sprake is van een evolutionaire
ontwikkeling van het internet. Veel van de nieuwe eigenschappen die aan web 2.0
worden toegeschreven, zouden beter te kenschetsen zijn als een meer graduele
verandering, waarbij specifieke aspecten die altijd al kenmerkend waren voor het web
versterkt zijn. Omdat ons onderzoek met name gericht is op het verkennen van de
mogelijk disruptieve impact van deze ontwikkelingen voor overheid en openbaar
bestuur zullen wij in deze studie desondanks de term web 2.0 hanteren, waarbij we de
retorische tekortkomingen op de koop toe nemen.

Het begrip web 2.0 werd voor het eerst - althans volgens de overlevering - gelanceerd
door Tim O’Reilly op de eerste Media Web 2.0 Conferentie in 200412

. Het verwijst naar
een tweede generatie van webdiensten waarin samenwerking tussen gebruikers en het
delen van informatie en content door gebruikers centraal staan. Tim O’Reilly zelf
beschrijft het fenomeen als volgt (bron: Wikipedia): "Web 2.0 is the business revolution

11

Zie bijv. Valerie Frissen: ICT en maatschappelijke innovatie: Van pijplijn naar open netwerken. Den Haag:

Ministerie van EZ.
12 Paul Graham (November 2005). Web 2.0. Retrieved on 2006-08-02. “"I first heard the phrase 'Web 2.0' in the
name of the Web 2.0 conference in 2004.Tim O'Reilly (2005-09-30). What Is Web 2.0. O'Reilly Network.
Retrieved on 2006-08-06.

TNO-rapport | 34466

8 / 74

in the computer industry caused by the move to the internet as platform, and an attempt
to understand the rules for success on that new platform. Chief among those rules is
this: Build applications that harness network effects to get better the more people use
them "13

.

De OECD hanteert de term Participative Web14

. Daarmee wordt de nadruk gelegd op
toenemende interactie, communicatie en creatie van waarde op het Internet door
gebruikers. “The participative web is the most common term and underlying concept
used to describe the more extensive use of the Internet’s capabilities to expand
creativity and communication.”
Open web standaarden en interfaces zijn een belangrijk
kenmerk van het participatieve web om communicatie te faciliteren. Intelligente
webdiensten en op internet gebaseerde software stellen gebruikers in staat om actieve
gebruikersrollen op zich te nemen zoals het creëren, publiceren, editen, raten, taggen en
distribueren van informatie. Daarnaast stellen nieuwe web software tools bedrijven of
non-profit organisaties in staat om de collectieve intelligentie in netwerken expliciet te
benutten.

De User Generated Content trend beslaat verschillende vormen van mediacontent
(geschreven, audio en beeld) - die mede dankzij deze technologie makkelijk
gecombineerd kunnen worden - en verschillende creatieve activiteiten en rollen van
gebruikers. Het accent ligt hier echter vooral op het zelf creëren van content door
gebruikers. De User Generated Content trend - en in het kielzog daarvan de opkomst
van de zogenaamde ‘pro-sumers’, ‘professional amateurs’, ‘entrepenerds’ en ‘citizen
journalists’ - vloeit daarmee voort uit het participatieve web. Het participatieve web is
dus een breder concept: participatieve web technologie maakt niet alleen het creëren
van content mogelijk maar ook andere interacties, zoals communicatie, het waarderen
en classificeren van informatie (‘taggen’), en het delen van bestanden, server ruimte of
capaciteit op P2P basis.

You're Reading a Free Preview

Descarregar
scribd
/*********** DO NOT ALTER ANYTHING BELOW THIS LINE ! ************/ var s_code=s.t();if(s_code)document.write(s_code)//-->