Você está na página 1de 5

Bestuursrecht II

Werkgroep 13
Eu recht en klachtrecht.
Vraag
Vraag
Vraag
Vraag

5:
6:
7:
8:

ambtshalve toetsing van EU recht.


trechterwerking van Eu recht.
formele rechtskracht Eu recht.
schadevergoeding bij schending Eu recht.

Aantekeningen.
Er zijn 2 soorten Europees recht.
1. EVRM en EHRM.
2. EU recht. De commissie parlement, europese centrale bank.
Parlement kan samen met ander instellingen regels maken.
- verordeningen. ( dit zijn gewoon wetten. Een internationale
wet waar je je gewoon als burger op kunt beroepen jegens
de staat of jegens een andere burger. Directe werking.
- Richtlijnen. ( gericht tot een bepaalde staat. Geeft een
staat en opdracht om ten aanzien van een bepaald gebied
wetgeving te maken, bijvoorbeeld op het terrein van
consumentenrecht. Een richtlijn is zelf geen wetgeving.
Bedoeld om eenheid van wetgeving van de staten te
maken. Zolang de richtlijn nog niet is
gemplementeerd( omgezet in nationale wetgeving) kun je
er als burger nog helemaal niets mee.
- Beschikkingen. ( spreekt voor zich).
Hoe wordt nou gegarandeerd dat die verordeningen en richtlijnen
altijd worden nageleefd. Uitgangspunt is dat als het om een
verordening gaat je die als burger altijd bij de nationale rechter kunt
inroepen. Bij een richtlijn is dat niet mogelijk, je kunt je als burger
niet rechtstreeks beroepen op een richtlijn. Als het verordeningen
gaat en die rechter weet niet zo goed wat hij met de verordening
moet omdat die vaag is en er onduidelijkheid bestaat over de uitleg
van een EU rechtelijke bepaling dan kan de rechter uitleg vragen
over die bepaling bij het hof van justitie van de Europese Unie. Dat
heet een prejudicile vraag. Als er onduidelijkheid ontstaat over het
EU recht en j e procedeert bij de Hoogste rechter dan MOET de
rechter die prejudicile vraag stellen. Als je nog niet bij de hoogste
rechter aan het procederen bent dan KAN de rechter een
prejudicile vraag stellen.
Het hof van justitie geeft dan informatie over de interpretatie van de
verordening aan de nationale rechter.

Als het om het EVRM gaat kun je als burger naar het EHRM toe. Dat
kan niet bij de Europese unie. Als burger kun je niet zelf naar het hof
van justitie, dat kan alleen via de rechter die een prejudicile vraag
stelt.
Vraag 5.
Burger bepaald omvang van het geding ( ultra petitat)de vraag is ;
is het EU recht nu zo belangrijk dat de rechter het altijd ambtshalve
moet toetsen?
Stelsel EU recht in verhouding tot het Nederlandse bestuursrecht.
Beginpunt is de Rewe uitspraak: het uitgangspunt is dat de
nationale staten procedurele autonomie hebben. De
procesrechten die gelden in de nationale staten blijven
gewoon zoals ze zijn, de Europese unie tast dat allemaal niet
aan. Procedurele zelfstandigheid. Als het om de
verwezenlijking van het EU recht gaat dat het nationale recht
dan alle procesregels geeft. ( wijst bevoegde rechters aan en
geeft procesrecht.)
Gevolg; artikel 8;69 Awb is van toepassing. De regels wat
betreft de omvang van het geding blijven gewoon van
toepassing als het gaat om EU recht, datzelfde geldt voor
ambtshalve aanvulling van de rechtsgronden en ook de regels
over de openbare orde( de regels over de bevoegdheid van de
rechter, de ontvankelijkheid van het beroep, en de vraag of
het bestuursorgaan die het besluit heeft genomen wel
bevoegd was om het besluit te nemen.
Uitgangspunt is zoals in Rewe bepaald: procedurele
autonomie, maar er zijn 2 nadere voorwaarden. in de eerste
plaats geldt het gelijkwaardigheidsbeginsel. Dat betekent dat
het EU recht niet anders mag worden behandeld dan ander
recht, het nationale recht bijvoorbeeld. vorderingen op grond
van het EU recht mogen dus niet ongunstiger worden
behandeld. Bepalingen van Eu recht zijn niet van openbare
orde. Tweede kanttekening bij de procedurele autonomie is
het doeltreffendheidbeginsel. De Nationale regels mogen niet
te hoge drempels opwerpen waardoor dat EU recht niet kan
worden verwezenlijkt. Je moet je op een behoorlijke manier in
Nederland kunnen beroepen op een verordening. Hoe toets je
dat dan? Je moet dan de procedurele Rule of Reason toets
uitvoeren. Als het gaat om een beperking bijvoorbeeld dat je
belanghebbende moet zijn, dan moet je gaan kijken naar de
Reden van die beperking en de rede van die beperking moet
wel legitiem zijn. je moet kijken naar de plaats functie en het
belang van de beperking. Je zou bijvoorbeeld dus kunnen
zeggen om bij ons te kunnen procederen moet je
belanghebbende zijn, niet belanghebbende kunnen dit niet. Is

deze beperking niet in strijd met het


doeltreffendheidsbeginsel en het Eu recht. Dan moet je kijken
naar het belang van de beperking: dat is dat niet teveel
mensen gaat procederen dat zou de werkdruk veel te hoog
zijn. dat lukt niet. Hof van justitie zegt dat is niet te streng.
Vraag 6: deze vraag gaat over de trechterwerking en het EU
recht. Mogen nieuwe beroepsgronden die ontleend zijn aan het
EU recht, in hoger beroep nieuwe worden aangevoerd. Kun je bij
de afdeling nu met nieuwe gronden komen die bij de lagere
rechter nog niet hebt aangevoerd. De afdeling zegt ik vind
controle van de uitspraak van de lagere rechter heel belangrijke
n de rechtseenheid vind ik heel belangrijk dan is het niet handig
als de burger dan met nieuwe gronden aankomt. Bij de centrale
raad van beroep mag het wel omdat deze instantie herkansing
heel belangrijk vindt voor een partij zolang de tegenstander dan
niet overrompeld wordt. De strenge lijn van de afdeling is dat
houdbaar als het gaat om het Eu recht. Uitgangspunt is
procedurele autonomie dat betekend dat gewoon artikel 8:69
mag worden toegepast, het trechter model. In principe zou het
moeten kunnen maar je moet wel naar de nadere voorwaarden
kijken. Ten eerste het gelijkwaardigheidsbeginsel; dit is niet van
toepassing want voor zowel nationaal als Europees recht past de
afdeling het strenge model toe. Dan het
doeltreffendheidbeginsel. De trechter mag de verwezenlijking
van het EU recht niet te zeer beperking. Dan de Rule of Reason
toets; plaats functie en belang van de beperking. Belang is dat
de afdeling de lagere rechter wil toetsen en dat er rechtseenheid
wordt toegepast.
Als later blijkt dat de nationale rechter het Eu recht onjuist heeft
toegepast kan dan de formele rechtskracht onderuit worden
gehaald. Uitgangspunt procedurele autonomie en daarom kan
formele rechtskracht worden toegepast.
Institutionele autonomie.
Niet alleen stelsel van rechtsbescherming mogen de lidstaten zelf
invullen maar dat geldt ook voor de besluitvorming. 1 zon
nationale regel is artikel 4:6 van de Awb. herziening van en
besluit maar dan moet je wel nieuwe feiten of omstandigheden
melden.
Uitgangspunt: jurisprudentie zijn geen NOVA, omdat de
rechtszekerheid anders teveel wordt aangetast. Maar de vraag is
of dat ook geldt voor een uitspraak van het hof van justitie. Daar
wordt in de uitspraak Kuhne en Heitz op ingegaan. Daarin wordt
geoordeeld dat een uitspraak van dat hof materieel

terugwerkende kracht heeft. Het hof van justitie zegt dat iets zo
is, dan wordt het geacht dat die uitleg altijd al zo heeft bestaan.
Dus dat zou eigenlijk betekenen dat eerdere besluiten avn
bestuursorganen die niet voldoen aan die uitleg eigenlijk zou
moeten worden aangepast. Toch is de rechtszekerheid ook wel
van belang.
In de uitspraak wordt gezegd dat een bestuursorgaan kan
terugkomen op een besluit naar aanleiding van een uitspraak van
het hof van justitie als aan vier voorwaarden is voldaan.
1. het bestuursorgaan moet naar nationaal recht bevoegd zijn
om op een besluit terug te komen. Dat kan bij ons want wij
hebben artikel 4:6 en die passen we een beetje
verdragsconform toe.
2. Verder zegt het Europese hof, een bestuursorgaan kan er ook
op terugkomen als een besluit definitief is.
3. Een besluit moet steunen op een onjuist uitleg van het Eu
recht.
4. De betrokkene moet meteen nadat hij kennis heeft genomen
van een arrest van het hof van justitie het bestuursorgaan
mededelen dat het besluit in strijd is met deze uitspraak.
Wordt hieraan voldaan dan is een uitspraak van het hof van justitie
een novum als bedoeld in artikel 4:6 en zal het bestuursorgaan
moeten terugkomen op het besluit.
De achtergrond hiervan is de gemeenschapstrouw van artikel 4 lid 3
van VWEU. De lidstaten moeten trouw zijn aan de Eu gemeenschap
vandaar dat wordt gezegd dat als er een uitspraak van het hof is en
blijkt dat een bestuursorgaan het EU recht niet juist heeft toegepast
moeten ze erop terugkomen.
In de casus wordt e formele rechtskracht doorbroken.
Rechtelijke instrumenten bij schending Eu recht.
2 uitgangspunten.
1. voorrang Eu recht ( costa Enel, van gend en loos)
2. gemeenschapstrouw. Van artikel 4 lid 3 VWEu.
Hof van justitie Francovich; 3 instrumenten bij gebrekkige
implementatie van een richtlijn. Wat kan die rechter allemaal doen:
1. Een bepaalde nationale regel die niet voldoet aan de richtlijn
richtlijn conform gaan toepassen. Kortom: richtlijnconforme
interpretatie. De nationale wet moet wel een aanknopingspunt
bieden om richtlijn conform te worden toegepast.
2. Richtlijn directe werking geven. Een richtlijn is puur een
opdracht aan een lidstaat om wetgeving te maken. Als
lidstaten daar erg traag mee zijn waardoor burgers zich daar
niet op kunne beroepen dan kan de rechter daar directe

werking aan geven. De richtlijn moet wel onvoorwaardelijk zijn


en voldoende duidelijk.
3. Zelfstandige aansprakelijkheid en dat is schadevergoeding.
Ook hier geldt weer dat de richtlijn onvoorwaardelijk en
voldoende duidelijk moet zijn. en er gelden nog en paar ander
specifieke voorwaarden. de richtlijn moet bepaalde rechten
aan particulieren verlenen. En daarnaast moet volgens de
uitspraak de schending van de richtlijn voldoende
gekwalificeerd zijn. en als laatste zegt de rechter in die
uitspraak dat er een causaal verband moet zijn tussen de
schending en de geleden schade. Dat vindt je in
rechtsoverweging 40 van dat arrest.
Als je ziet dat een bepaalde richtlijn niet goed is gemplementeerd
en aan deze voorwaarden is voldaan dan ga je schadevergoeding
vragen op grond van een onrechtmatige daad van de staat jegens
jou.
De richtlijn luchtkwaliteit geeft niet direct rechten aan particulieren.
Dus op dat punt is die richtlijn niet voldoende specifiek en daarom
kun je geen schadevergoeding vragen.